Registreren

Alles over vrijwilligerswerk

De Wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van de vrijwilligers is er gekomen om u als vrijwilliger te beschermen.
De belangrijkste items van deze wet worden hierna besproken:

  • Wat is vrijwilligerswerk?
  • Wie mag vrijwilligerswerk doen?
  • Welke informatie dien ik te ontvangen?
  • Ben ik verzekerd als vrijwilliger?
  • Kan ik als vrijwilliger de gemaakte kosten recupereren?

Wat is vrijwilligerswerk?

Vrijwilligerswerk is elke activiteit

  • Die u onbetaald en niet verplicht  verricht. Dit wil echter niet zeggen dat het vrijwilligerswerk dat u verricht vrijblijvend is. Men dient zich te houden aan de gemaakte afspraken. Deze afspraken worden vastgelegd in een afsprakennota.
  • Die u verricht ten behoeve van één of meerdere personen,  van een groep of organisatie of van de samenleving als geheel.
  • Die ingericht wordt door een organisatie die niet tot uw familie of uw privéverband behoort.
  • Die u niet verricht voor de organisatie of de dienst  waarbij u een arbeidsovereenkomst, een dienstencontract of een statutaire aanstelling heeft.

Wie mag vrijwilligerswerk doen?

Iedereen vanaf 15 jaar mag, in het jaar dat men 16 jaar wordt, vrijwilligerswerk doen. 

Er zijn evenwel speciale regels voor personen met verschillende statuten!

• Bent u uitkeringsgerechtigde werkloze of werkloze met bedrijfstoeslag (voorheen bruggepensioneerde), dan kunt u met behoud van uw uitkeringen vrijwilligerswerk verrichten op voorwaarde dat u dit vooraf en schriftelijk aangeeft via het formulier C45B.
U dient dit formulier ingevuld af te geven bij uw uitkeringsinstelling (hulpkas of vakbond) minstens één dag vóór u start met het vrijwilligerswerk. De RVA heeft 12 dagen de tijd om te reageren.
Als u binnen deze periode geen reactie krijgt of u ontvangt een goedkeuring, dan mag u uw vrijwilligerswerk voortzetten. Als u een weigering krijgt, dan moet u uw vrijwilligerswerk stilzetten of uw taken laten aanpassen.

Ga echter bij uw vrijwilligersorganisatie of openbare dienst waar u als vrijwilliger aan de slag gaat na of deze een algemene toelating heeft om vrijwilligerswerk te organiseren met werklozen of werklozen met bedrijfstoeslag. In dat geval moet u als vrijwilliger niets meer doen. U kan direct aan de slag.

• Bent u arbeidsongeschikt, dan kunt u vrijwilligerswerk verrichten op voorwaarde dat de adviserende geneesheer de vrijwilligersactiviteiten verenigbaar acht met uw algemene gezondheidstoestand. Arbeidsongeschikten hebben dus de toestemming nodig van de adviserend geneesheer. Pas daarna kunt u starten als vrijwilliger.
(Formulier vindt u in pdf in bijlage).

• Bent u leefloongerechtigde, dan kunt u vrijwilligerswerk verrichten, maar u moet uw dossierbeheerder hiervan op de hoogte stellen. Die moet akkoord zijn met uw vrijwillige inzet. Als u dit niet doet, dan loopt u het risico (een deel van) uw uitkering te verliezen. Als u de regels volgt, dan hoeft u niets te vrezen.

• Als vreemdeling met een wettig verblijf kunt u vrijwilligerswerk doen.

Ook als u als vreemdeling recht hebt op opvang volgens de Opvangwet van 12 januari 2007 (bv. als asielzoeker, in het kader van een verlengd recht op opvang of als niet-begeleide minderjarige), mag u in principe vrijwilligerswerk doen. U moet dan voorafgaand aan het vrijwilligerswerk de toestemming krijgen van het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers. Hierop bestaat één uitzondering: gezinnen zonder wettig verblijf met een minderjarig kind zijn uitgesloten van het recht om vrijwilligerswerk te doen, ook al hebben ze een recht op opvang.

Welke informatie dien ik te ontvangen?

Vooraleer u als vrijwilliger aan de slag gaat, dient u basisinformatie te ontvangen over de organisatie of de openbare dienst, evenals informatie over de wijze waarop men er met de vrijwilligers omgaat. Het is sterk aangeraden hiernaar te informeren!

De volgende elementen dienen meegedeeld te worden:

  • De sociale doelstellingen en het juridisch statuut. Zo weet u waar de organisatie voor staat en wat ze nastreeft.
  • De identiteit van de verantwoordelijke(n) indien het een feitelijke vereniging betreft.
  • De manier waarop u verzekerd bent.
  • De regeling van de kostenvergoeding.
  • Dat de activiteiten inhouden dat de vrijwilliger geheimen kan vernemen ten aanzien waarvan hij gehouden is tot de geheimhoudingsplicht.

Dit alles wordt bij voorkeur vastgelegd in een afsprakennota, ook informatienota of organisatienota genoemd. Vraag zeker een exemplaar aan de verantwoordelijke van de dienst of de organisatie waarbij u als vrijwilliger aan de slag gaat. Zo kunt u hier steeds op terugvallen.
Wordt deze informatie niet meegedeeld via een afsprakennota, dan kan dit eveneens via een brief of de website van de dienst of de organisatie.

Ben ik als vrijwilliger verzekerd?

Alle private en publieke rechtspersonen waarbij u als vrijwilliger aan de slag gaat, dienen een verzekeringscontract burgerlijke aansprakelijkheid af te sluiten. De organisatie is dus burgerrechtelijk aansprakelijk voor de schade die vrijwilligers veroorzaken ten opzichte van derden, zowel tijdens de uitvoering van de activiteit als onderweg. Als vrijwilliger kunt u dus in principe niet verantwoordelijk gesteld worden, behalve als u een grove fout begaat of als u steeds weer dezelfde lichte fout maakt.

Wanneer het echter een feitelijke vereniging (bijvoorbeeld een groepje personen dat zich verenigt om een buurtactiviteit in te richten) betreft die geen personeel in dienst heeft of niet verbonden is aan een rechtspersoon, dan is die organisatie niet verplicht een verzekeringscontract burgerlijke aansprakelijkheid voor u af te sluiten. Deze organisaties moeten u dan wel duidelijk maken dat u persoonlijk burgerlijk aansprakelijk kunt gesteld worden voor de schade die u tijdens het verrichten van uw vrijwilligerswerk door uw fout berokkent.

De organisatie kan, maar is hiertoe niet verplicht, ook andere verzekeringen ten behoeve van de vrijwilliger afsluiten, zoals bijvoorbeeld een verzekering voor lichamelijke ongevallen of rechtsbijstand.

Vraag hier zeker naar vooraleer u start als vrijwilliger.

Kan ik als vrijwilliger de gemaakte kosten recupereren?

Een vrijwilligersorganisatie “kan” vrijwilligers vergoeden voor de kosten die ze maken in functie van hun vrijwilligerstaak, maar is hiertoe niet verplicht. Hoeveel deze kostenvergoeding bedraagt, is bepaald door de Vrijwilligerswet.

Hierover dient u op voorhand geïnformeerd te worden.

De vrijwilligerswet laat twee systemen toe om de kosten in te brengen: de forfaitaire kostenvergoeding en de reële kostenvergoeding.

De forfaitaire vergoeding bedraagt maximaal 33,36 euro per dag en 1.334,55 euro per jaar. Deze maxima worden jaarlijks geïndexeerd en gelden voor het volledige kalenderjaar. In dit systeem hoeven de kosten noch door de vrijwilliger noch door de organisatie bewezen te worden.

Een reële kostenvergoeding kent geen maxima, maar hierbij moeten alle kosten bewezen worden met verantwoordingsstukken.

Beide systemen mogen niet gecombineerd worden.
Eén uitzondering wordt hierop gemaakt: De forfaitaire vergoeding mag gecombineerd worden met een terugbetaling van reële vervoerskosten voor maximaal tweeduizend kilometer per jaar, per vrijwilliger.

Het maximumbedrag van de vervoerskosten voor de periode van 1 juli 2017 tot 30 juni 2018 bedraagt 0,3460 euro per kilometer voor het gebruik van de wagen. Voor de fiets is dit 0,20 euro per kilometer.
Aantal gereden kilometers zijn steeds te bewijzen.